Logo Rijksoverheid, link naar hoofdpagina

LIDA Wiki

Verantwoordingsstromen


De AWBZ kent een tweetal toezichthouders die geen onderdeel zijn van het primaire proces, maar wel een informatiebehoefte hebben die aan dit proces gerelateerd is. Deze toezichthouders zijn de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) die belast is met het toezicht op de markten voor de zorg, en de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) die belast is met het toezicht op de kwaliteit van de zorg.


IGZ

Vanuit zorgaanbieders zijn er geen grote informatiestromen van en naar de Inspectie. Het toezicht richt zich vooral op de uitzonderingssituaties waarvan de zorgaanbieder melding moet maken bij de Inspectie. Het gaat dan o.a. over calamiteiten en bijzondere activiteiten in de context van de BOPZ. Voor deze laatste wet is er ook een informatiestroom richting VWS om locaties voor de BOPZ toegelaten te krijgen.

Via de website www.zorgvoorkwaliteit.com moet een zorgaanbieder kwaliteitsinformatie aanleveren. Deze kwaliteitsinformatie bestaat uit subjectieve en objectieve meetgegevens. De eerste wordt de CQ-index genoemd en bestaat uit cliëntervaringen, de tweede wordt de ZI-index genoemd en bestaat uit metingen van een aantal zorginhoudelijke indicatoren. Deze meetgegevens kunnen via de website na toestemming van de zorgaanbieder worden doorgeleverd aan derden, waaronder IGZ en JMV/Kwaliteitsinstituut. Voor de CQ-index geldt dat deze een keer per twee jaar moet worden aangeleverd, terwijl voor de ZI-index geldt dat deze jaarlijks moet worden aangeleverd.


NZa

Evenals naar de Inspectie zijn er vanuit de zorgaanbieder ook geen grote informatiestromen naar de NZa. Wel is het zo dat er een regelmatige stroom is naar de NZa in verband met de zorginkoop en nacalculatie. In het kader van de contractering worden de volumeafspraken in de vorm van een budgetformulier naar de NZa gestuurd, die deze afspraak toetst en vastlegt in de vorm van een rekenstaat. In veruit de meeste gevallen wordt het budgetformulier door zowel zorgkantoor als zorgaanbieder ondertekend en is de toets van de NZa beperkt tot het juiste gebruik van rekenregels.

Een tweede informatiestroom richting de NZa betreft de nacalculatie. Op basis van de geleverde productie wordt een nacalculatie gemaakt. In deze calculatie worden met name de kapitaalkosten verrekend voor zover deze nog niet in de maandelijkse declaratiestroom zijn verwerkt.

Door het jaar heen zijn er twee vormen van ‘overproductie’ die tot tussentijdse aanpassingen kunnen leiden: overproductie op zorgaanbiederniveau en overproductie op clientniveau. De eerste vorm kan aanleiding geven tot het tussentijds bijstellen van het budget met een budgetformulier en een aangepaste rekenstaat. De tweede vorm kan niet altijd direct in het declaratieproces worden uitgefilterd; er kan immers sprake zijn van het leveren van meer zorg in de ene maand en het leveren van minder zorg in de daaropvolgende maand. Op het einde van een periode en in ieder geval op het einde van het jaar wordt op basis van het gemiddelde gekeken of er sprake is van overproductie op cliëntniveau. Daarbij kan gekozen worden om het verschil via de nacalculatie te verrekenen.


Opmerkingen

Met betrekking tot het aanleveren van bovenstaande verantwoordingsstromen zijn een tweetal opmerkingen te maken vanuit het perspectief van de zorgaanbieder:

  • Het aanleveren van de genoemde verantwoordingsstromen zou moeten leiden tot benchmarkinformatie waarmee de zorgaanbieder zijn positie in het zorgveld kan bepalen en verbeteren;
  • De aan te leveren informatie moet worden gerelateerd aan de organisatie en/of onderdelen of locaties van die organisatie. Op dit moment wordt voor iedere stroom een aparte structuur en codering gebruikt dat enerzijds leidt tot extra werk en anderzijds voorkomt dat informatie vanuit deze stromen aan elkaar gerelateerd kan worden.
LIDA Wiki